Quand on n’a que l’amour

Onlangs las ik ergens dat het nonsens zou zijn te beweren dat je eerst van jezelf moet houden eer je van anderen kunt houden.Hoe kun je van anderen houden echter als er niet iemand is die van je houdt?

Daar zit wat in ,vind ik.

Wij,als filosofen weten misschien iets méér dan anderen hoe mensen nood hebben aan bevestiging,aandacht,liefde.Hoe mensen zichzelf zo negatief zien ,waardeloos,ja,zelfs bereid zijn tot zelfmoord.

Is het toenemend aantal zelfmoorden bij jongeren niet een signaal van een groot gemis aan liefde?Is er iets mis in de gemeenschap door toe te geven aan het materiële,het grote aanbod van overbodige technologische snufjes die alleen nog een artificiële communicatie mogelijk maken via internet,gsm,fb bijvoorbeeld?

Het aanbod in shoppingcentra bv.Verleidingen die onmiddellijk kunnen ingevuld worden.Hébben,bezitten,dat wordt de norm.

Men neemt niet meer de tijd naar iets te verlangen want het wordt onmiddellijk bevredigd.

Het echte verlangen,het diepe,het uiteindelijk nooit te vervullen verlangen wordt niet meer ervaren.

Is het echter niet door dat eindeloos verlangen,het trachten naar het absolute,het niet-kunnen-grijpen,dat we als zoekenden in het leven in beweging blijven,creativiteit en verwondering bewarend,reikend naar anderen als engagement?

Geen politiek fascistisch engagement,dat tracht naar macht ten koste van het menselijk-zijn,maar engagement waarin de mens gewaardeerd wordt om zichzelf en niet om hetgene hij presteert.Een engagement dat de mens benadert met respect,met aandacht voor zijn noodroep naar genegendheid.

Kunnen wij hier in die zin iets betekenen voor de mens?Hen kunnen doorgeven dat ookzijiets betekenen ,vermits ze voor mij iets betekenen?.Dit kan hen misschien helpen uit hun verlatenheid en eenzaalm heid te treden.Kunnen wij kleine gidsen zijn in hun duisternis?

 

Rosetta