Wat is het nut van beperking? (11 januari 2009)

 

Geschreven door Eva Rousselle en Barbara Luypaert   

 

Verslag estafette filosofisch café  - "wat is het nut van beperking?"

 

De Hopsack zit afgeladen vol op 11 januari 2009. Verschillende Vlaamse filocafébegeleiders en een 50-tal enthousiaste filocafébezoekers zijn aanwezig voor deze eerste editie van "de filocafé estafette". Nu de filosofische cafés in verscheidene Vlaamse steden aan een opmars bezig zijn, leek het ons een geschikt moment om filocafégangers uit alle windhoeken samen te brengen. Er is zelfs een groepje uit Breda aanwezig.

Tijdens deze namiddag zullen 7 begeleiders afwisselend het gesprek begeleiden. Een boeiende manier om kennis te maken met deze begeleiders en hun uiteenlopende begeleidingsstijlen.

Sandra Aerts van het filosofisch café Antwerpen opent de namiddag door iedereen hartelijk welkom te heten...en vliegt er dan meteen in. Na vurig overleg aan de verschillende tafels en de bar, komen volgende uitgangsvragen van het publiek op de flap:

 

1) Wat betekent vrijheid binnen een liefdesrelatie? (9 stemmen)
2) Welke invloed heeft de crisis op de kwaliteit van het sociaal leven? (1)
3) Is waarheid soms pijnlijk? (9)
4) Is filosoferen een luxe? (3)
5) Wat bepaalt de identiteit van een persoon? (0)
6) Waarom interesseren zich zo weinig mensen voor filosofie? (0)
7) Hoeveel politiek geweld is aanvaardbaar? (1)
8) Wat levert "hopen" ons op? (4)
9) Wat is het nut van beperking? (11)

 

Sandra stelt voor dat we het bij deze 9 vragen houden. De flap is namelijk volgeschreven, en ze wil het bij één flap aan vragen houden.

Na vragen, bedenkingen en suggesties uit het publiek wordt vraag drie geherformuleerd: "Wanneer is waarheid pijnlijk" wordt de nieuwe verwoording.

Op het moment dat er gestemd moet worden, gaat Koen zijn gsm-melodietje over. Teken dat de volgende begeleider aan zet is. Sandra mengt zich tussen het publiek en Richard Anthone neemt de beurt over.

"Dat moet hier wat vooruit gaan" werpt hij in het midden. Onmiddellijk gaan we over tot een stemming. De vraag "Wat is het nu van beperking" haalt het met 11 stemmen, na coalitieonderhandelingen aan de bar. ;-)

Kristof Van Rossem, die de vraag heeft ingebracht, licht de vraag wat toe en geeft een voorbeeld van beperking. "Toen Sandra daarstraks zei: ‘als mijn flap op is, worden er geen vragen meer gesteld";dat is een voorbeeld van beperking".

Er komen nog meer voorbeelden van beperkingen tijdens dit filocafé aan bod: de begeleiders mogen elk maar een half uur begeleiden, er mag niet gerookt worden tijdens, als deelnemer kun je jezelf beperken in het tussenkomen in het gesprek, etc.
Iemand probeert te formuleren wat het nut van beperking zou kunnen zijn; "als we ons richten op één iets, kunnen we gemakkelijker beslissen dan wanneer we ontelbare prikkels toelaten".
We beperken ons tot iets, omdat dit nuttig is om tot een beslissing te komen. Als je alle mogelijkheden toelaat, krijg je meer keuzemoeilijkheid.

Koen probeert ondertussen de micro's beter af te stellen zodat er klank klinkt over het gehele café.

"Heeft het nut dat de mensen achteraan in het café de mensen vooraan in het café niet verstaan?", roept iemand uit.

Na enige tijd komen we tot een oplijsting van verschillende vormen van beperking:
-
beperking die je jezelf oplegt
- beperking die anderen je opleggen
- beperkingen door wetten en regels (waaronder ook culturele beperkingen worden verstaan)
- beperkingen opgelegd door omstandigheden

Het nut van beperking verandert dan volgens de invulling die je aan beperking geeft.

Iemand oppert dat beperkingen enkel een historisch nut hebben. We proberen te begrijpen wat die persoon bedoelt en gaan op zoek naar wat kan worden verstaan onder een ‘historische beperking'. We zoeken voorbeelden, maar die zijn niet overtuigend.

We proberen nu een andere weg in te slaan: beperking kan worden gezien als tegengesteld aan vrijheid.
Beperking is een voorwaarde voor de vrijheid van anderen.

We zoeken en zuchten, en op dat moment klinkt opnieuw het reeds gekende beltoontje; tijd om begeleider Christel Desmaretz op het podium te roepen.

Christel polst welke ideeën over ‘beperking' er nog leven bij de filocafégangers. Beperking is niet een keuze, maar iets dat van buitenaf komt, wordt beweerd.

Christel stelt voor om het andere begrip uit de vraag, namelijk "nut" eens onder de loep te nemen. Wat betekent nut hier?
Heeft een beperking nut? En wat is dat nut?

"In de natuur heb je heel wat beperkingen die hun nut hebben", brengt iemand in. Er volgt een fascinerend verhaal over het overleven van dromedarissen in Australië.

"Inderdaad", wordt gereageerd: "het nut van beperking is ordening en overleving van de soort".

Christel stelt voor dat we verschillende concrete situaties zoeken, en daarbij telkens de vraag stellen "wat is hier de beperking?" en "wat is hier dan het nut?"

Er worden voorbeelden van beperkingen gegeven: slechts 80 km/uur rijden, beperkingen in een dictatoriaal regime, een gsm die rinkelt na 30 minuten begeleiding in een filocafé, etc.

Is er iets gemeenschappelijks aan deze voorbeelden? Ja; de mogelijkheden voor mensen nemen af. Mensen kunnen zich niet meer op dezelfde manier gedragen dan voor de beperking gold. Koens gsm geeft opnieuw de befaamde melodie weer; tijd om te pauzeren.

pauze

Na de pauze neemt Alex Klijn de begeleiding van het filosofisch gesprek op. We starten met de stelling: "Een beperking veroorzaakt een verandering in gedrag". Het publiek nuanceert de stelling. We stellen dat het eerder de sanctionering in functie van die beperking is die bepaalt of gedrag verandert. Het is verleidelijk om de grenzen met betrekking tot die beperking te overschrijden. Het nut van de beperking is dus het al dan niet kunnen overschrijden ervan.

Het publiek reageert. Niet iedereen is het hiermee eens! Het nut van een beperking is volgens andere overleven. We veranderen ons gedrag om te overleven. Tijdens het gesprek rees er verwarring tussen het nut van beperking en de gevolgen van beperking. Er is nood om hier duidelijkheid in te scheppen.

Alex haalt een nieuw element uit het publiek, namelijk ‘een beperking kan kansen geven'. Een dame geeft een voorbeeld van reacties die ze krijgt op haar onder water gelopen kelder. De ene reageert met ‘ik ben beperkt' en de andere met ‘het is een kans om mijn kelder eindelijk op te kuisen'. Een ander voorbeeld is dat de beperking van olie een kans biedt om nieuwe energiebronnen te zoeken. Maar ook dit is geen nut van een beperking maar wel een gevolg.

We wagen ons aan een nieuwe poging. Het nut dat iemand toeschrijft aan een beperking, is individueel bepaald en gekoppeld aan eigen waarden en normen. Anderen vinden nut eerder iets dat meetbaar is en een economische betekenis heeft. We maken wel het onderscheid tussen nuttig en zinvol. De gong gaat...

Inge Duytschaever neemt de begeleiding over en gooit het over een heel andere boeg. "Wat als er geen beperkingen zouden zijn?" Inge neemt geen plaats op het podium en loopt door het café op zoek naar de beperkingen die we op dat moment ervaren. Een reeks aangehaalde beperkingen: niet mogen roken in het café, geen geld meer om te drinken, niet luisteren naar anderen, iedereen wil zijn eigen ding zeggen, .... Tenslotte stelt iemand dat de inbreng van een ander zo interessant en goed verwoord was dat hij zelf geen inbreng meer doet. Dus een beperking, bv. niet direct aan bod kunnen komen, kan soms nuttig zijn.

Kunnen we stellen dat het nut een effectieve wens voor mezelf is? Bestaat er zoiets als een algemeen nut en een individueel nut? Botsen deze twee met elkaar? Inge herneemt het voorbeeld van het niet mogen roken in een café. Is dit een individueel of een algemeen nut? Twee voorbeelden van individueel nut: "Een collega kan niet op café gaan als er gerookt wordt want hij heeft een ernstige vorm van astma." en "Een man gaat niet meer graag op café want hij kan niet meer rustig roken." Algemeen nut kan bijvoorbeeld zijn dat je roken niet verbiedt want het creëert werkgelegenheid of net wel verbiedt want het schaadt de gezondheid. Is nut dan de optelsom van het nut voor anderen en voor jezelf?

Van een beperking kan echter steeds afgeweken worden. Bijvoorbeeld er mag niet gerookt worden maar ik doe het toch en wacht af.

Nut wordt gelinkt aan tijd. De gevangenisstraf van Nelson Mandela wordt aangehaald als illustratie. Hij ervaart tot ieders verbazing zijn gevangenisstraf als nuttige tijd. Binnen zijn opgelegde beperking kiest hij zijn eigen vrijheid. Hij heeft tijd om te bezinnen en om alles grondig te doen. "Als ik de gang moet kuisen, zal ik dit grondig doen opdat ik voldoening heb van hoe hij blinkt." Als we nuttige tijd linken aan onze huidige situatie dan geldt voor ons de uitdaging er voor te zorgen dat we elkaars inbreng benutten. Wat is de beperking om achteraan in het café te zitten? Het vertrouwde melodietje rond de sessie van Inge af.

Andreas Lauwers doet een poging om het gesprek een andere wending te geven. Hij stelt voor om een nieuwe vraag te behandelen. Na veel overleg met het publiek kiezen we om ons gesprek verder te zetten. We hernemen de stelling "het nut is de optelsom van het nut voor anderen en voor jezelf". Het nut wordt door mezelf en de anderen als positief of negatief beoordeeld en houdt dus een waardeoordeel in. Het onderscheid wordt terug gemaakt tussen iets dat nuttig of zinvol is. We beschouwen nuttig als iets bruikbaars, eerder economisch van aard. En we beschouwen zinvol betekenisgevend. We gaan samen op zoek naar iets dat zinvol is en niet nuttig.

Er komt wat protest in de zaal: " soms kan je té veel denken en is het beter gewoon te zijn". Na meer dan 3 uur filosoferen vraagt het publiek om te stoppen. We hebben vele pistes bewandeld maar nu willen we dit graag laten bezinken...

Kristof sluit af en stelt iedereen gerust dat chaos en het elkaar soms niet begrijpen eigen is aan een filosofisch café.

 

Tijdens de nieuwjaarsreceptie filosoferen sommigen lustig door, terwijl andere even bekomen met een glaasje schuimwijn.

 

Langs deze weg willen we Den Hopsack en het filosofisch café van Antwerpen bedanken voor hun gastvrijheid.

Ook willen we de begeleiders bedanken: Sandra, Richard, Christel, Alex, Inge, Andreas en Kristof.

 

Terug